Wil

Tussen lof en prei groeide hij op. Zijn vader had een groentezaak in de Vughterstraat. Eind jaren zeventig nam Wil Kivits de winkel over. Zijn dienstbaarheid was niet schraal. Vaak een onsje meer. Zelfs voor de nabezorging van een vergeten bosje selderie ging Wil op pad. Een restauranthouder die op zondag een kilo rode bieten tekortkwam, belde niet vergeefs bij hem aan. Toch viel het doek. Wil werkte zich de schorseneren, maar tegen de supermarkten kon hij niet op. Na het doek viel Wil zelf.

Op een kwade dag in 2001 zakte hij in elkaar. Een incomplete dwarslaesie, luidde de diagnose. Krap vijftig jaar was ie. Sindsdien heeft Wil een looprekje. Tweemaal per week hobbelt hij naar de fysiotherapie in Engelen, waar hij met echtgenote Hetty woont. Alleen de rodekoolwangen van Wil herinneren nog aan zijn toonbankjaren.

Daar zit je dan zegt ie, al houdt vrijwilligerswerk hem op de been. Voor Gehandicapten Platform ’s-Hertogenbosch test hij de toegankelijkheid van openbare gebouwen en vervoersbedrijven. Hij is tevreden, ook over de gemeentelijke inspanningen voor mensen met een beperking.

In de lifthal staat zijn scootmobiel. Een Sterling, type Elite2 Plus. Niet dat hij zich tot de sociale of culturele bovenlaag van Den Bosch rekent. Wil is de eenvoud zelve. Dat bewijst ook zijn favoriete tijdsbesteding: hij ruimt zwerfafval op. Al negen jaar. Met zijn scootmobiel trekt hij er elk weekeinde op uit, behalve als het sneeuwt. Werkhandschoenen aan, dekentje over zijn knieën.

Een afvalgrijpstok heeft Wil van de gemeente gekregen, die ook lege vuilniszakken beschikbaar stelt. Zijn territorium: West, Engelen en Bokhoven. Elke rit eindigt met een tjokvolle vuilniszak en uitpuilende stuurkorf vol plastic en flessen. Zijn vrouw wast alle losse doppen, voor het goede doel. Met elf miljoen doppen bekostig je de opleiding van een hulphond. Hoor je er ooit eentje in het Bosch blaffen: eerbetoon aan Wil.

Onderweg ziet hij veel. Illegale vuilstort, haperende stoplichten of verzakte stoeptegels meldt hij via de gemeentelijke app Buiten Beter. Binnen drie dagen is het opgelost, is zijn ervaring. Drugsafval komt Wil ook tegen. Oude wietplanten, jerrycans met resten chemicaliën. Zelf ruikt hij liever hete bliksem. Meest voorkomend is afval van fastfoodketens en lege blikjes – vooral van Red Bull. Energiedrank?! Te lam om even naar een prullenbak te lopen. Ook Marlboro-rokers zijn viespeuken, bewijzen de verfrommelde pakjes. Toch blijft hij stug opruimen. Zijn motivatie? Hij gruwt van rommel. Bovendien ziet hij zijn dienst als wederdienst. De samenleving helpt hem ook, zegt Wil.

Dit weekeinde gaat ie weer op pad. Het kenteken van zijn blauwe scootmobiel is FPR 534. Stevige man, kaal hoofd. Werp hem vooral vriendelijke blikken toe. Wil laat ze niet liggen. 

_________________

Publicatie Brabants Dagblad 20 november 2019 | Noot aan de lezer: de reactiemogelijkheid zal na herziening van de kronieksite vanaf voorjaar 2020 weer in gebruik worden genomen.