Raamkunst

Handzeepzorgen, mondkapjesparty’s, duimstokverdriet. Wen er maar aan, want het einde van de ontregeling is nog lang niet in zicht. Wij leven in de Corona dat, net als het Holoceen of de Wederopbouw, de gezaghebbende klank van een tijdperk begint te krijgen.

De Corona is geen pretje, ook niet in musea. Zij exposeren werk van kunstenaars die veelal tegen de stroom in gaan, maar bezoekers hebben gedwee de pijlen te volgen, op straffe van een bulderende suppoost. Motto: vrijelijk bewegen doe je maar in je hoofd.

Gelukkig is er straatkunst, leert een wijkwandeling van theatergezelschap Paleis voor Volksvlijt. Een gratis app gidst je langs tien plekken in de Graafsewijk waar bewoners vermakelijke, trieste en bizarre verhalen vertellen. Drie locaties liggen in de Bartjes, de volksbuurt waar ze ooit tijdens rellen ontdekten dat in Graafseweg meer dan vier klinkers zitten. Je kon ze nog loswrikken ook. Kortom: een levendige buurt. En dat zie je, aan de vensterbanken.

Onvoorzien schenkt de wijkwandeling meer dan louter mooie verhalen. Op het Larikspleintje, de Dageraadsweg en in de Cederstraat kom je langs een houtgekerfde olifantenfamilie, steigerende paarden van porselein en imposante vazen uit de Xenos-dynastie. Ik zag ook Afrikaanse voodoobeeldjes die in hun afschrikwekkendheid corona naar de kroon staken, glasgeblazen zwanen en een sierlijke metalen asbak – maar het kan ook de urn van een Deense dog of oma zijn geweest.

Het is een tocht die de ogen opent. Want naast meesterwerken tonen de vensterbanken schitterende huisvlijt: een Venetiaanse gondel van luciferhoutjes, twee giraffen van bierdopjes en een geboetseerde Hollandse molen met handgebreide meelzakjes. Tekstbordjes met uitleg ontbreken, maar dat is niet hinderlijk. Integendeel: het wakkert de fantasie aan. Want valt dat aangekloven bot op de vensterbank onder hyperrealisme in de keramiek of is Herta gewoon jarig vandaag?

Als tegenwicht fiets ik de volgende dag door nieuwbouwwijk De Groote Wielen. Armoe troef, want moderne architectuur en vensterbanken lijken elkaar uit te sluiten. Af en toe zie ik ondoorgrondelijke kleiwerkjes achter ramen geëtaleerd. Zouden veel ouders in hun kind een nieuwe Rodin of Giacometti zien? Dieptepunt is een vensterbank met een lelijke vaas. Er staan lange satéprikkers in met aan het uiteinde gele proppen crèpepapier gefrot. Motto: die Van Gogh is dood, maar onze kleine Fiënne of Vinz weet wel raad met zonnebloemen.

Een suggestie. Mocht covid-19 nog lang gaan duren, laat de Bossche musea dan op vensterbanken in volkswijken exposeren. Meer bezoekers, lagere kosten, grotere bewegingsvrijheid en kans op sociale ontmoetingen. Nog een pluspunt: het risico van diefstal is verwaarloosbaar. Want een kunstroof laat je wel uit je hoofd in een buurt vol raambordjes met de tekst: ‘Hier waak ik, vooral over de vensterbank.’

___________________

Publicatie Brabants Dagblad: 26 augustus 2020. Noot aan de lezer: de reactiemogelijkheid zal na herziening van de kronieksite vanaf herfst 2020 weer in gebruik worden genomen.