Smèrrig

Ze zijn geteld, de festivals in Brabant. Het zijn er honderdtweeëndertig. Dat is een binnenzee van bier, tientallen kilometers prikkabel en ontelbare liefdes die sneuvelen of kiemen. Het Bossche aandeel in al die vrolijkheid? Fors. Tot de eeuwwisseling waren Jazz in Duketown, Theaterfestival Boulevard, Popwerk, Den Bosch Maritiem en het Bevrijdingsfestival de enige feestelijke samenklonteringen van betekenis. Maar dat is rap rechtgetrokken. Niet tot vreugde van alle Bosschenaren: sommigen zitten al jaren aan de festivaleriaandruppels, vooral in de binnenstad, ’t Zand, Veemarktkwartier en Zuid.

Sinds vijf jaar is de Tramkade de tralalalocatie bij uitstek. Een flinke verandering, weet de Bossche theater- en evenemententechnicus Douwe (22). Een eeuw lang maakte Koudijs – later De Heus – op dit fabriekscomplex wekelijks zes miljoen kilo diervoerders. De ene Bosschenaar ervoer de weeïge walm als werkgelegenheidsparfum, de ander sloot kokhalzend zijn ramen. Na ruim een eeuw vertrok De Heus in 2004.

Afgelopen maandag. Een wandeling met Douwe over de Tramkade, waar zo’n veertig hoofdzakelijk creatieve bedrijven – formaat XS tot XL – zijn gevestigd. Maar vandaag is het opmerkelijk kalm: een Kukident-tablet bruist harder. Wel vormen gestapelde zeecontainers de toegangspoort voor Festival Losjes, het techno- en housefeest op Hemelvaart.

Douwe zelf is in de ban van hiphop en foute muziek. Met het jonge artiesten- en evenementenbureau Koninkrijk van Muziek organiseerde hij zestien edities van Newskoolfest. Volle bak. Maar hun grootste succes is Smèrrig, het festival waar zelfs onverdunde Cif geen raad mee weet. Eind juli verandert de Tramkade opnieuw in een muzikale varkensstal, met negenentachtig acts. Bij Smèrrig kun je een catwalk in de vorm van een dildo, lillende billen en zwangerschapstesten-met-een-knipoog verwachten.

Anderhalve duimstok over het randje, erkent Douwe, maar Smèrrig is vooral een uitlaatklep. Vroeger konden jonge stappers tamelijk ongestraft grenzen verkennen. Met vrienden ’s nachts de steigers van de Sint-Jan beklimmen, een conifeer in de fik zetten, naaktzwemmen in de IJzeren Vrouw. Nu is er meer zelfbeteugeling. Oorzaak? Digitalisering, weet Douwe. Overal zijn er camera’s, vooral op mobieltjes. Eén ondoordachte actie en je eindigt als attractie op Facebook, Instagram of Dumpert.

Dat maakt met name jonge vrouwen behoedzamer, ziet Douwe. Zeker in de dorpen rond Den Bosch, waar het festival veel aanhangers heeft. Op Smèrrig durven ze de stoute schoenen aan te trekken. Het festival als vrijplaats: what’s new na Woodstock?

Douwe lacht. Hij is blij met zijn festivalstad: korte lijnen, samenwerkingsbereidheid en een hoge gunfactor. Of Den Bosch niet ouwelijk en bravig is? Hij grijnst. Wie dat stug vol blijft houden, moet naar Smèrrig komen. Zelf schuursponsje meenemen.

________________________

Publicatie in Brabants Dagblad: 29 mei 2019. Noot aan de lezer: de reactiemogelijkheid zal na grondige herziening van de kronieksite vanaf de herfst weer functioneren.